Hoe houdt je de stad fit en vitaal?

Dat is de kernvraag van de Urbanisme Award 2014. Studenten worden uitgenodigd om een scriptie aan te dragen rond dit thema. Wat je studeert maakt niet uit. Het gaat de initiatiefnemers om nieuwe ideeën over urbanisme. Naast de Award ligt er duizend euro en een abonnement op het vakblad ‘Vitale Stad’ in het verschiet.  ‘Hoe houdt je de stad fit en vitaal?’ Na een aantal recente stedentrips hieronder mijn gedachten.

Om meteen met de deur in huis te vallen. Een stad is volgens mij vitaal als ze in staat is om adequaat in te spelen op actuele leef- en werkstijlen en dit ruimtelijk en organisatorisch kan faciliteren.  Hierin zijn eindbeelden over de ideale stad niet van toepassing. Vitaliteit neemt met zich mee dat het proces van stadsverandering en transformatie continu is.

Sleutelbegrippen om deze transformatie te ‘laden’ zijn begrippen als beleving, ontmoeting, verbinding, innovatie, talent, creativiteit en opleiding. In steden die hiermee bezig zijn vertaalt zich dit in het aantrekken van jong talent, aansprekende instituten en onderwijsinstellingen, nieuwe winkel- en leisureconcepten, broedplaatsen voor starters, aansprekende events en co-creatie tussen overheid, bedrijven en bewoners.

Barcelona speelt dit spel met verve. De stad brengt sport, cultuur, architectuur, historie, shopping, zee en strand, onderwijs en  innovatie bijeen. Met name het innovatiedistrict 22, dat tegen een oude arbeiderswijk aanligt is een broedplaats voor kennisgerelateerde bedrijven, jong talent en start ups. Naast zichtbare identiteitsdragers zoals de Ramblas, Parc Güell van Gaudi en het Olympisch stadion, beseft de stad zich dat stilstand achteruitgang is. De stad wil smart city zijn en optimaal inspelen op globale trends van connecting, creativity en meeting people. In november 2014 organiseert Barcelona het Smart City World Expo.

In het Duitse Stuttgart met ruim 600.000 inwoners zijn Mercedes en Porsche de identiteitsdragers. Beide automerken komen hier vandaan en maken dit zichtbaar in twee architectonisch imposante musea. De slag naar een vitale stad wordt gemaakt rond het stationsgebied. De Europawijk (Europaviertel) herbergt  één van de mooiste nieuwe bibliotheken van Europa naast het nieuwe winkelwooncomplex Milaneo en Duitslands modernste Sparkassenacademie. Als het gaat om connectedness is de aanleg van de nieuwe HSL-lijn en de bouw van het nieuwe station, Bahnhof 21 een pijnpunt. De geraamde kosten liggen nu op 7 miljard en het Volksprotest wordt er niet minder op.

De parallellen tussen Stuttgart en een stad als Eindhoven zijn groter dan vooraf gedacht. Philips geldt als identiteitsdrager van de stad en op voormalige terreinen en fabriekscomplexen van Philips ontstaat nu het nieuwe Eindhoven dat op Strijp-S en Strijp-R maximaal inspeelt op globale trends waarin start ups en creativiteit worden gefaciliteerd. De Dutch Design Academy en het binnenkort te openen Centrum voor sport, marketing en media op Strijp-S zijn anchor-instituten die op hun beurt weer voor innovatie en economische en culturele spin off zorgen.

Zo wordt het spel dus gespeeld. Vitale steden doen meer dan ruimtelijke visies ontwikkelen en winkelrondjes afmaken (ik lees dit nog te vaak). Ze creëren een aura of ‘vibe’, waardoor nieuwe energie ontstaat en daaruit nieuwe economie.

De Amerikaanse Lee Fisher, President van CEOsforCities vat het kort samen. De vitaliteit en  het presteren van steden hangt samen met vier termen, namelijk Connectedness, Innovation, Talent en Your Distinctive City (Acronym voor CITY). Noem het de pijlers voor toekomstige vormen van placemaking in steden .

Antwerpen is nog zo’n voorbeeld van een stad waar placemaking succesvol heeft plaatsgevonden aan de Schelde. Het museum aan de Stroom (MAS) aan het Eilandje vertelt de geschiedenis van de stad en combineert dit met een wandelpromenade en horeca. Uit een verlaten havengebied is een toeristische trekpleister ontstaan waar nu jaarlijks veel bezoekers op afkomen. Een geslaagd voorbeeld van vitalisering van stedelijk gebied.

Hoe anders is het beeld in de Duitse stad Königswinter (40.000 inwoners) op ruim 300 kilometer ten noorden van Stuttgart. Grote investeringen zijn uitgebleven en de hoofdwinkelstraat (Hauptstrasse) wordt geplaagd door leegstand, verwaarloosd vastgoed en achterhaalde winkel- en horecaconcepten. Veel Duitse familiehotels hebben de afgelopen dertig jaar niet meer geïnvesteerd in hun interieur en uitstraling en plukken daar nu de zure vruchten van. Jongeren trekken weg naar het nabijgelegen Bonn, dat geldt als levendige en prestigieuze universiteitsstad. Te lang heeft het stadsbestuur van Königswinter geloofd in de aantrekkingskracht van toeristische attracties als de Drachenfels en slot Drachenburg. Ooit was Königswinter goed voor 4 miljoen bezoekers per jaar, nu nog maar de helft. Op geen wijze is de slag naar het heden laat staan de toekomst gemaakt en daar betaalt de stad een hoge prijs voor.

Terug naar het begin. Ik stelde dat een stad vitaal is als ze in staat is om in te spelen op veranderende leef- en werkstijlen en dit ruimtelijk en organisatorisch kan faciliteren. Met name dit faciliteren verdient meer uitwerking op lokaal niveau. Steden dienen (in overdrachtelijke zin) ‘snelwegen’ te creëren  waarop en waar langs innovatie en creatie kunnen plaatsvinden. Dit bekent onder andere:

  • het aanbieden of mogelijk maken van fysieke ruimten voor start ups, kunstenaars, creatieven;
  • het faciliteren van netwerkopbouw (events en seminars) tussen stakeholders in en rond de stad uit bedrijfsleven, onderwijs en overheid;
  • het aanbieden van (big) data (gemeentestatistieken en onderzoeken) waarop innovatie kan plaatsvinden;
  • het via portals creëren van online-faciliteiten en platforms om kennisuitwisseling en ontmoeting te stimuleren;
  • het werven en acquireren  van (internationale) nationale ankerinstituten en events die innovatie en economie kunnen bevorderen;
  • het betrekken van diverse sociale groepen en subculturen bij deze innovatie via instroomprojecten op de arbeidsmarkt.

Deze lijst is onuitputtelijk lang te maken. Essentieel is dat we de faciliterende stad meer vorm en inhoud gaan geven. Kwartiermakers en procesaanjagers kunnen hier als makelaar of social engineer in fungeren. Zij halen de kracht en energie uit de stad naar boven en verbinden partijen aan elkaar. De vitale stad ontstaat dus niet door louter het opstellen van visies die vaak een optelsom zijn van eerder geschreven sectorale nota’s. Evenmin door geld op te halen via ondernemersfondsen en reclamebelasting. Dat zijn weliswaar noodzakelijke instrumenten om dingen gedaan te krijgen, doch het in beweging krijgen en houden van de stakeholders is de sleutel tot het succes van een vitale stad.

Wil je dit artikel delen? Dat kan!